Dit was 2021: Kerstboom

Erik Hulsegge
Erik Hulsegge © RTV Noord
Ik heb het altijd met de Kerst. En ik denk jij ook wel. Dat melancholisch gevoel. Een gevoel van weemoed en bezinning. Bezinning van een jaar dat voorbij is gegaan. Een onwerkelijk raar jaar voor iedereen. Je zou bijna kunnen zeggen: een jaar om gauw te vergeten.
Het verdriet van velen die hun dierbaren verloren aan de C-ziekte. Velen die hun levenswerk in rook op zagen gaan. Velen die het geloof in de politiek, in de maatschappij kwijt raakten. Ik ben een groot mazzelmens dat ik niet geraakt ben door de ziekte met de grote C.
Tot en met oudejaarsdag schrijft in 'Dit was 2021' elke dag een medewerker van RTV Noord over het afgelopen jaar. Op deze Tweede Kerstdag is de beurt, zoals elke zondag, aan Erik Hulsegge.
Het jaar 2021 raakte mij wel maar dan op een andere manier. Ik bracht tijden door in ziekenhuizen aan het bed van geliefden zonder C. Ik maakte met hen de gang van Spoedeisende Hulp naar de Acute Opname Afdeling eindigend op de ‘gewone’ zorgafdeling. Deze week nog maakte ik opnieuw een rondje in memory hospital lane.
Die rondjes ziekenhuis gaan je niet in de kouwe kleren zitten, maar de mensen die ik liefheb zijn er nog. Wat ik kwijtraakte, was de liefde. Op een zomerse zomerdag was het ineens voorbij, voelde ik leegte en verdriet in al mijn vezels.
Mijn huis was even niet meer het huis van veiligheid en geborgenheid. Dan is er altijd nog het werk waar je aan vast kunt klampen. De grapjes, de ‘steukelderij’ met collega’s, de dankbaarheid van de luisterende, lezende en kijkende mensen, het warme bad van Noord.
Maar het bad was niet warm, zelfs niet lauw. Het was ijskoud. Er waaide een storm, een haast duivelse tornado van ongekende kracht over de Noordburelen. ‘Rebulie’ en ‘karriebarrie’ om het in twee woorden Gronings samen te vatten.
Collega’s die ziek thuis zaten, collega’s die het bedrijf verlieten, collega’s waar je lang mee samen hebt gewerkt, voorop hebt gelopen en soms lief en leed hebt gedeeld. Met mijn eigen storm in het hoofd heb ik geprobeerd ver weg te blijven van de ellende. Dat was tegen beter weten in. De storm om de Noord is gelukkig gaan liggen en hopelijk blijft dat ook zo.
In slechte tijden koester je die kleine momentjes van bijzondere warmte. Zo zag ik in de supermarkt een wildvreemde vrouw spontaan een zwaar verslaafde man helpen met zijn boodschappen. Hij was half van de wereld, zij leidde hem langs de schappen op zoek naar de dingen die hij zocht. Bij de kassa betaalde ze ook nog eens voor hem. Mijn hart werd warm en week tegelijk. De dankbaarheid in de ogen van de man zal ik nooit vergeten.
Wat ik ook niet vergeet is het bijzondere verhaal van collega Rens van Stralen, wijlen collega Rens van Stralen. Rens overleed veel te vroeg, alweer een jaar eerder, op 6 juli 2020. Zijn weduwe sprak me enkele maanden later aan op de herdenkingsbijeenkomst van Henk Binnendijk, het Noordicoon en vriend van Rens, die ons ook al veel te vroeg ontviel.
Ze had nog iets voor mij, zei ze. Door mijn laksheid en dankzij haar vasthoudendheid ging ik een jaar later op bezoek. Na een warme ontvangst, in een warm huis in Noordbroek werden warme herinneringen aan Rens opgehaald.
Bij Rens moet ik altijd denken aan de zondagmorgen. De vroege zondagmorgen van de column. In de beginperiode was het voor mij - digibeet, die ik ben - niet altijd even makkelijk om mijn column op onze website te krijgen.
Maar dan was er altijd oer-Noordmens, alleskunner Rens. 24/7 bereikbaar, voor mij, voor iedereen. En zo gebeurde het nagenoeg bijna elke zondagmorgen tussen zeven en acht dat ik Rens een berichtje stuurde om hulp. Die kreeg ik en ik kreeg standaard een warm woord voor mijn verhaal. En een foto met twee verse ovengewarmde pistoletjes. Zijn teken dat ook voor hem de zondagmorgen begonnen was.
In het warme huis in Noordbroek stond de hele tijd een houten kistje op tafel, een kistje met van alles erin. Een kistje met een verhaal. Vlak voor zijn overlijden had Rens nog een laatste saluut geschreven. Door zijn hersentumor kon hij niet meer op papier krijgen wat hij graag zou willen. Toch schreef hij - hoeveel moeite het hem ook kostte - zo goed en zo kwaad de dingen op die hij nog kwijtwilde. Die hij na wilde laten.
Tussen de regels van de soms kromme, soms onbegrijpelijke zinnen stonden twee dingen. Zijn onbegrensde liefde voor de omroep, voor Noord en zijn liefde voor Ede Staal. Tegelijkertijd las je zijn zorgen over de toekomst van Noord en de zorgen over de nalatenschap van Ede. Ondanks het falen van het brein, puilde zorg uit zijn woorden.
Het kistje op tafel had alles te maken met de nalatenschap van Ede. Het zat vol cd’s, dvd’s, cassettebandjes, boeken waar ik het bestaan niet van kende. Alles, wat Rens had verzameld over Ede Staal.
Zijn weduwe had het kistje pas dagen na de dood van Rens gevonden. In zijn kamer, in zijn mancave. Ze was er bijna nooit geweest, had er niet goed in durven gaan. Bang voor de puinhoop, bang voor de herinneringen. Plots op een dag had ze de deur toch opengedaan. De kamer was tot in de vezels van het tapijt opgeruimd.
Op dat schone tapijt, in het midden van de tot in de puntjes geordende kamer stond een houten kistje vol cd’s, dvd’s, cassettebandjes, boeken. Ede’s kistje. In de allerlaatste brief van Rens had hij mijn naam genoemd en zo mocht ik het hebben. Om te passen op Ede’s nalatenschap. Om te zorgen dat Rens’ verzameling in goede handen komt.
Van de week in een melancholische bui ploeterde ik ‘s avonds door het kistje, de radio op Noord. Tussen de boeken vond ik het officiële programmaboekje van het legendarische Laidjesfestival op donderdag 1 november 1984 in hotel Parkzicht in Veendam.
Het enige optreden dat is vastgelegd op camera. Het was trouwens niet echt een programmaboekje, meer een stencil met het programma van die avond met daarop behalve Ede ook The Askay Brothers, Snarenspul, Abnormaal, Tuutjefloiters en Pé en Rinus.
Zo simpel zo mooi. Als Ede’s muziek. En precies op dat moment hoor ik op de radio de eerste klanken van Ede’s 'Het het nog nooit zo donker west.' Toeval als in een kerstsprookje.
Ondanks het klotejaar, ondanks dat de boel weer op slot zit, is er altijd licht in de duisternis. Voor mij het licht van de liefde. Op de valreep van 2022 raakte een mooie vrouw mijn hart. Het is misschien leeftijd, maar ik denk toch echt door haar: ik kersthater kocht een kerstboom. Echt waar.
Met lichtjes, ballen, engeltjes, een piek en een eierbal.
Nog een hele fijne Kerst,
Erik Hulsegge