Impact van coronacrisis op verpleeghuizen lange tijd onderschat: 'Stille ramp'

Ouderen worden verzorgd in een zorghuis door een zorgmedewerker in beschermende kleding
Ouderen worden verzorgd in een zorghuis door een zorgmedewerker in beschermende kleding © ANP
Verpleeghuizen zijn in het begin van de coronacrisis nauwelijks betrokken bij de landelijke aanpak ervan. Het ontbrak lange tijd aan een goed beeld van de verspreiding - en daarmee de impact - van het virus in verpleeghuizen. Dat concludeert de Onderzoeksraad voor de Veiligheid (OVV) woensdag in het eerste rapport over de aanpak van de coronacrisis.
De OVV spreekt van een 'stille ramp' in verpleeghuizen. Ook in onze provincie is de sector getroffen door de coronacrisis. Tegen welke problemen liepen de zorgmedewerkers en bewoners aan en hoe zijn ze hiermee omgegaan?

Gehandeld met kennis van toen

'Een stille ramp. Ja, dat is het zeker geweest. We hebben er nog de naweeën van', vertelt bestuurder Herma Fridrichs van Zorgcentrum De Blanckenborg in Blijham. Ze ziet dat er in het begin veel onwetendheid was rondom het virus. 'We hebben gehandeld zoals men dacht dat er gehandeld moest worden.'
In de eerste maanden van de corona-aanpak was er op landelijk niveau onvoldoende kennis over de bestrijding van een uitbraak, zegt ook de OVV. In verpleeghuizen bleven knelpunten daarom lang onderbelicht. Duidelijke richtlijnen voor de aanpak van het virus, waren er niet.
‘Elke organisatie heeft een draaiboek in het geval van een virusuitbraak’, zegt woordvoerder Petra de Haan van Zonnehuisgroep Noord. Maar een uitbraak als deze, was niet te vergelijken. ‘Er was veel onduidelijkheid over de mate waarop het zich verspreidde. Het was voor iedereen onbekend terrein. De hele organisatie heeft een tandje bijgezet.’
We stonden achteraan in de rij
Herma Fridrichs - Zorgcentrum De Blanckenborg

Zorgen om eigen veiligheid

Wanneer de eerste coronagolf vanaf maart 2020 uitbreekt, zien verpleeghuizen beschermingsmiddelen, zoals mondkapjes, vooral naar de ziekenhuizen gaan. Zorgmedewerkers maken zich zorgen om hun eigen veiligheid en die van bewoners.
‘Verpleeg- en verzorgingshuizen lijken in het begin wel wat te zijn vergeten’, vertelt Fridrichs. ‘Gelet op de eerste maatregelen, stonden we achteraan in de rij. Op persoonlijke beschermingsmiddelen voor ons personeel hebben we lang moeten wachten.’
Ook bij Zonnehuisgroep Noord dreigde een tekort aan beschermingsmiddelen, terwijl de behoefte groot was. ‘Wat heel erg meespeelt, is dat onze bewoners zich vrij rond bewegen, in tegenstelling tot in een ziekenhuis. Ze hebben daardoor meer contacten en dat zorgt voor meer risico’s’, zegt de woordvoerder.
Je kiest de hele tijd tussen veiligheid en welzijn
Petra de Haan - Zonnehuisgroep Noord

Balans

In 2020 moesten medewerkers ineens controleren op het naleven van de coronaregels: worden de handen gedesinfecteerd? Draagt bezoek een mondkapje? Is er sprake van voldoende afstand? Voor hen voelde het soms als ‘politieagentje spelen’, iets wat ze eigenlijk niet wilden.
De constante balans tussen het willen beschermen van mensen zonder de sociale behoefte uit het oog te verliezen, weegt zwaar. Nog steeds. ‘Je kiest de hele tijd tussen veiligheid en welzijn’, benadrukt De Haan.
‘Persoonlijke aandacht, familie op bezoek, die sociale behoefte heeft iedereen’, legt ze uit. Tegelijkertijd stonden verpleeghuizen voor de taak het aantal contacten terug te brengen om verdere besmettingen te voorkomen. Het zorgde voor ethische dilemma’s. ‘Hoe verklaar je aan familieleden dat zij niet meer op bezoek mogen komen? Hoe leg je iemand met dementie uit dat het contact via een tablet gaat?’

Meer solidariteit

De maatregelen in combinatie met de aard van de zorg in verpleeghuizen, leveren een dubbel gevoel op, zo blijkt uit de rondvraag. Waar een ziekenhuis in veel gevallen gericht is op kort verblijf, zijn in een verpleeghuis factoren als huiselijkheid en genegenheid extra belangrijk omdat mensen er permanent wonen.
Toch lijkt de situatie, ondanks de negatieve gevolgen, ook iets positiefs met zich mee te hebben gebracht. Zo zegt De Haan dat ‘de solidariteit binnen teams is versterkt en dat het onderlinge contact tussen de organisaties is toegenomen. We hebben samen de schouders eronder gezet.’
Sommige organisaties konden nog niet direct een eerste reactie geven op de conclusies van de OVV. Zij zeggen op een later moment te reageren op het rapport.