Noordelijke scheepsbouwers zien kansen voor robotwerf: 'Alleen zo kunnen we relevant blijven'

Bouw van scheepssecties op de werf van Ferus Smit
Bouw van scheepssecties op de werf van Ferus Smit © Loek Mulder/RTV Noord
Welke rol kunnen robots spelen bij de bouw van schepen op noordelijke scheepswerven? Om een antwoord op die vraag te krijgen laat de provincie Groningen een haalbaarheidsstudie uitvoeren.
De provincie stelt 250.000 euro beschikbaar voor het project.
Uit het onderzoek moet blijken of werven in het Noorden een gezamenlijke robotwerf kunnen opzetten. Daarmee zou de werkgelegenheid in de scheepsbouwsector met minimaal vijf procent kunnen toenemen, is de verwachting. Het onderzoek moet in juni klaar zijn.

Impuls voor maritieme industrie

Het plan voor een gezamenlijke werf is overigens niet nieuw. Het idee werd ook al eens in december 2019 geopperd. De provincie is ervan overtuigd dat robotisering nodig is om de scheepsbouwindustrie in Groningen op termijn goed overeind te houden. Gedeputeerde IJzebrand Rijzebol kijkt al verder.
‘De daadwerkelijke bouw van een robotiseringsfaciliteit gaat een impuls zijn voor de hele noordelijke maritieme industrie. Het levert werkgelegenheid op en het biedt kansen om de CO2-uitstoot te verminderen.’
In de jaren zeventig zei mijn vader: dit is de Herestraat voor reders
Egbert Vuursteen - Directeur Royal Wagenborg over werven aan het Winschoterdiep
Robotisering is gericht op het geautomatiseerd verwerken van micropanelen. Het casco van een in Groningen gebouwd schip bestaat gemiddeld uit meer dan twintig duizend onderdelen, die nu allemaal handmatig worden verwerkt. Een robot kan deze voorgesneden stukjes staal geautomatiseerd verwerken.
Een voorbeeld van een klein micropaneel
Een voorbeeld van een klein micropaneel © Xander Brinkman
Een micropaneel heeft een oppervlakte van maximaal drie bij twaalf meter. Dat past op een vrachtwagen en is van belang om het logistieke proces zo efficiënt mogelijk te laten verlopen.

Goedkoper er sneller schepen bouwen

Met deze panelen wordt een schip verder opgebouwd. Door de robotiseringsslag wordt de kwaliteit verhoogd en de doorlooptijd verkort waardoor een werf jaarlijks meer schepen kan bouwen. Eerder onderzoek in 2019 toonde aan dat werven op deze manier een derde minder kosten hebben.
Toepassing van robotisering en digitalisering is volgens Rijzebol nodig om de concurrentie met andere landen aan te kunnen. ‘We verliezen het hier niet op kwaliteit, maar op de prijs. Andere landen beconcurreren ons daar al lange tijd op. Dat moet veranderen zodat de sector klaar is voor de grote vervangingsvraag die over een aantal jaren verwacht wordt.’

'Koester de maakindustrie'

Directeur Egbert Vuursteen van Royal Wagenborg en voorzitter van de Maritieme Board Groningen is helder. ‘Noord-Nederland moet de maakindustrie van schepen koesteren. In de jaren zeventig nam mijn vader me mee naar het Winschoterdiep en zei toen: dit is de Herestraat voor reders. Dat is inmiddels al een tijdje geleden.’
Vuursteen gelooft nog altijd in een toekomstbestendige industrie en is blij dat vanuit de Maritieme Board de stap van het verkennen van de haalbaarheid nu gezet is. ’We moeten een kritische massa houden om als scheepsbouwindustrie relevant te blijven. Robotisering is daarvoor essentieel.'
Samenwerking in de hele keten, daar ga je de winst mee behalen
Leo van der Burg - FME ondernemersorganisatie
De provincie onderschrijft dit. Rijzebol. ‘We moeten nu de slag maken naar duurzaamheid. We merken dat de scheepsbouwers staan te dringen. Corona heeft omscholing in gang gezet en daardoor verschuift de arbeidsmarkt. Door de digitalisering in de scheepsbouw verder door te voeren ontstaat werkgelegenheid en is andere kennis en kunde nodig.’
Dat moet imagoverbetering in gang gaan zetten om meer jonge studenten te interesseren voor een baan in de scheepsbouw. Voldoende personeel vinden heeft, los van gaan werken met robots, voorlopig prioriteit nummer één.

Andere houding nodig

Volgens Leo van der Burg van ondernemersorganisatie FME gaan robots het succes niet bepalen. ‘Samenwerking in de hele keten, daar ga je de winst mee behalen. Het gelijktrekken van standaardisering. Iedere werf werkt op een eigen manier en daar samen in optrekken vergt een andere houding. Dat is cruciaal om de toekomst van de scheepsbouw tot een succes te maken.’
Vlnr Egbert Vuursteen (Royal Wagenborg), Geert Huizinga (FME), Guus van der Bles (Conoship) en IJzebrand Rijzebol (gedeputeerde)
Vlnr Egbert Vuursteen (Royal Wagenborg), Geert Huizinga (FME), Guus van der Bles (Conoship) en IJzebrand Rijzebol (gedeputeerde) © Theo Sikkema/RTV Noord
Het is bekend dat samenwerken en scheepsbouw in het Noorden niet altijd samengaan. Dat erkent Guus van der Bles, directeur Ontwikkeling & Research bij scheepsontwerpbureau Conoship International in Groningen en leider van de studie. ‘Het was zeker niet gemakkelijk om iedereen aan boord te krijgen, maar het is wel gelukt. Alle relevante partijen committeren zich en dat is ook voor later belangrijk.’

'Schouder aan schouder'

Jules Blokhuis is projectleider. ‘Iedereen uit de hele keten doet mee en het gevoel schouder aan schouder te staan is heel bijzonder. Het levert nu al leemtes in de keten op waar we direct mee aan de slag kunnen. Op het gebied van lassen, bijvoorbeeld.’
Van der Bles geeft aan dat het nodig is om vakmanschap te behouden. ‘Dat realiseren we door de bouwsnelheid te verhogen en ervaren medewerkers meer met de productie van door robots gemaakte micropanelen verder aan de opbouw van een schip te laten werken. Het is een verschuiving van werk, maar door meer snelheid blijft het ambachtswerk wel behouden.’

Bouwen aan Winschoterdiep logisch

Waar de productiefaciliteit komt als de haalbaarheidsstudie een positief vervolg krijgt, is nog niet met zekerheid te zeggen. Van der Bles laat doorschemeren dat een plek ergens aan het Winschoterdiep een logische is. Als alles volgens planning verloopt is hier in de tweede helft van dit jaar meer over te zeggen.