Dit was dag 3 van de verhoren: 'Dat kan ik mij niet herinneren'

Annemarie Jorritsma wordt verhoord
Annemarie Jorritsma wordt verhoord © Mario Miskovic / RTV Noord
Het viel op. Oud VVD-minister van Economische Zaken Annemarie Jorritsma kon zich maar weinig herinneren. Tijdens haar verhoor klonk geregeld: 'Het klinkt misschien mal, dat herinner ik me niet' of 'Dat weet ik niet meer.'
De derde dag van de openbare verhoren van de parlementaire enquêtecommissie stonden in het teken van de samenwerking tussen het Rijk en de oliemaatschappijen. In dat zogenoemde gasgebouw werken Shell, Exxonmobil, EBN en Gasterra aan de winning en verkoop van aardgas.

Annemarie Jorritsma, minister van de liberalisering

Jorritsma begint haar verhoor met de opmerking dat het allemaal erg lang geleden is (ruim 20 jaar) en verontschuldigt zich er alvast voor als ze dingen niet zo goed meer weet. Het blijkt geen loze waarschuwing. Terugblikken, reflecteren en beschouwen, daar heeft ze geen zin in, maakt ze meermaals kenbaar. Jorritsma wil alleen maar praten over haar periode als minister en weigert te oordelen over de periode voor of na haar. Tot irritatie van commissielid Hülya Kat: 'Ik stel hier de vragen en u besluit daar geen antwoord op de geven.' Jorritsma knikt instemmend.
Jorritsma was minister van Economische Zaken en vicepremier in het kabinet Kok II van 1998 tot 2002. Ze was verantwoordelijk voor de verdere liberalisering van de gasmarkt, waardoor verhoudingen in het gasgebouw veranderden.
De betrokken gasbedrijven reageren daar wisselend op. Shell sputtert weinig tegen, 'vermoedelijk omdat zij veel deden met de kleine velden.' Maar met Exxonmobil moet Jorritsma een strijd voeren. 'Zij hadden maar één belang: veel uit het Groningenveld halen. Daar verdienden ze het meeste aan en dat was het makkelijkste.'

Omgekeerde bewijslast

In 2016 werd de omkering van de bewijslast ingevoerd. Sindsdien moeten gedupeerden niet bewijzen dat schade door aardbevingen komt, maar moeten bedrijven het tegendeel bewijzen. Al in de tijd van Jorritsma ging het over die omkering van de bewijslast. Zij is tégen.
‘Omdat ik helemaal niet geloofde dat de positie van de burger daar beter van werd. Degene bij wie ze terecht moesten, zijn bedrijven met heel diepe zakken en dan weet ik zeker dat elke schadeclaim bij de rechter terechtkwam.’ Voor de overheid was het wel veel makkelijker geweest, vindt Jorritsma. Want die had in dat geval geen rol meer: de NAM moest het oplossen met de burger.
Inmiddels is de bewijslast omgekeerd en ik heb niet het idee dat het probleem van de Groningers daarmee kleiner is geworden
Annemarie Jorritsma - minister van Economische Zaken van 1998 t/m 2002
De NAM, Shell en Exxonmobil waren ook tegen de omkering van de bewijslast, herinnert Jorritsma zich. 'Inmiddels is de bewijslast omgekeerd en ik heb niet het idee dat het probleem van de Groningers daarmee kleiner is geworden.’ Op het ministerie van Economische Zaken heerste ook de angst dat door de omkering van de bewijslast het klimaat voor mijnbouwbedrijven zou verslechteren. Aan die bewijslast was vrijwel niet te voldoen, dachten ze op het ministerie.' Maar dit was niet dé reden voor haar om de bewijslast niet om te keren, benadrukt de oud-minister.
Oud-minister van Economische Zaken Annemarie Jorritsma
Oud-minister van Economische Zaken Annemarie Jorritsma © Bart Maat/ANP

De vele kanten van het gasgebouw

De eerste getuige van de derde dag was George Verberg. Hij herinnerde zich schijnbaar feilloos alles wat de commissie hem vroeg. Verberg heeft een lang verleden in het gas. Hij was top-ambtenaar van het ministerie van Economische Zaken en later de hoogste baas van de Gasunie.
De beginjaren van het op grote schaal oppompen van gas uit het Groningenveld herinnert Verberg zich als euforisch. ‘Het was een fantastisch succes voor Nederland.' Volgens hem kwamen oliemaatschappijen uit de hele wereld naar Nederland om te zoeken naar gas.

Publieke én geheime versie van een plan

Na de val van het ijzeren gordijn in 1989 onderhandelt Gasunie met het Russische Gazprom over een gascontract. Verberg had toen net de overstap gemaakt naar de Gasunie en herinnert zich dat met de deal wel onenigheid ontstond in het gasgebouw. De oliebedrijven waren niet blij met het contract. Zij voelden zich bedreigd door het Russische gas omdat hun markt daardoor kleiner werd.
Het ging erom dat de machine zo effectief mogelijk draaide
George Verberg - oud-topambtenaar en oud-directeur Gasunie
Het Gasgebouw werkte op basis van één plan, maar daar waren twee versies van: een publieke en een geheime. ‘Nogal wiedes!’, zegt Verberg enigszins geagiteerd door de vraag hierover. 'Het was een bedrijf in concurrentie met bijvoorbeeld de Russen en Noren!'
De publieke versie was er dus voor de concurrentie, legt hij uit, en de geheime voor het ministerie. Het enige verschil was dat in de publieke versie geen bedrijfsgevoelige informatie stond, verklaart Verberg.

'Pitbulls en terriërs van het ministerie'

Over het algemeen was de relatie tussen belangrijke betrokken partijen gelijkwaardig, beschrijft Verberg. Shell, Esso, Gasunie en DSM waren aan elkaar gewaagd, aldus de voormalig topman. ‘Het ging erom dat de machine zo effectief mogelijk draaide. Dat is ook het voordeel van een publiek-private samenwerking. Je zorgt dat het niet verambtelijkt. Die kostbare bodemschat wordt op een hele efficiënte en effectieve wijze gewonnen.’
Af en toe waren er ‘stevige gesprekken’ met ‘de olies’, omschrijft Verberg. 'Als die oliemaatschappijen iets deden of voorstelden tegen het belang van het ministerie in dan kwamen ‘de pitbulls en terriërs van het ministerie nog wel eens grimmig naar ons toe: waar zijn die olies nou weer mee bezig!?’
Voormalig topambtenaar en Gasunie-baas George Verberg
Voormalig topambtenaar en Gasunie-baas George Verberg © Mario Miskovic/RTV Noord

'Heel slecht rapport'

Verberg steekt zijn boosheid over het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid uit 2015 niet onder stoelen of banken. De raad concludeerde dat veiligheid nooit een rol heeft gespeeld bij de gaswinning. 'Jullie hebben volstrekt geen notie van de spanningen binnen het gasgebouw', zegt de oud-Gasunie-topman via de commissie tegen de onderzoekers. 'Of jullie wilden een goed verhaaltje hebben, dat kan ook.'
'Ik vind het beneden alle peil. Hoe kan je dat zo opschrijven? We zaten in een paradigma, of zoals de geologen het gisteren noemden: een tunnel. Ik vind het een heel slecht rapport, de naam van de Raad voor Veiligheid niet waard.'

Geen goede uitvoering ministerie

Het idee om de NAM uit de schadeafhandeling en versterking te halen noemt Verberg tot slot een ‘pico-bello’ idee, dat hij zelf ook eerder had. Maar het ministerie voert het concept niet goed uit en dat is ‘een tekortkoming’.
Het op afstand zetten van de NAM heeft wel een prijs, volgens Verberg. ‘Naar mijn smaak heeft ook de Kamer boter op zijn hoofd. Als je voortdurend eist dat de NAM elke euro vergoedt ben je niet goed wijs. Je moet er met Shell en Esso goed uitkomen: voor welk bedrag kun je bij mij weglopen?’
Hoe het nu gaat met het gasdossier? 'Een rotzooitje, antwoord Verberg. 'Het gaat erom dat je vertrouwen en schade zo goed mogelijk herstelt, of in ieder geval minder erg maakt.' Hij vindt het sluiten van het Groningenveld op dit moment begrijpelijk in verband met de veiligheid, maar definitieve sluiting vindt hij onverstandig. ‘Je weet nooit wat er gebeurt. Als je cement in productieputten gooit, ben je volgens mij helemaal niet zinnig bezig.’
Donderdag gaan de openbare verhoren verder. Je kunt de openbare verhoren van woensdag terugkijken via de website van de Tweede Kamer.