Opinie: 'Nederland mag niet langer het smerigste jongetje van de klas zijn'

Harm Evert Waalkens
Harm Evert Waalkens © Marco Grimmon/Bewerking RTV Noord
De verdeling van ruimte in Nederland moet op de schop. Dat maakt de weg vrij voor Nederland als gidsland voor innovatieve landbouw, zegt voormalig biologisch melkveehouder Harm Evert Waalkens. Hij wil af van Nederland als 'smerigste jongetje van de klas'.
Aan superlatieven in het debat over stikstof geen gebrek. Het gaat over 'een keerpunt', 'nu ingrijpen' en 'het bestaande beleid radicaal omgooien'. Het zijn grote woorden die het gebrek aan visie maskeren.
Op het terrein van landbouw en voedselproductie is veel aan de hand en de superlatieven zijn dus nu ook weer niet van de lucht. Het laat onverlet dat de oorlog tussen Oekraïne en Rusland aantoont dat we wat betreft voedselzekerheid bij onszelf te rade moeten gaan.
We moeten de vraag stellen welke elementen van landbouw en voedselbeleid er echt toe doen. In hoeverre moet Europa hier autonoom zijn en welke rol kan en moet Nederland daarin spelen?

'Nooit meer honger'

Het Gemeenschappelijk Landbouw Beleid (GLB) na de Tweede Wereldoorlog is opgezet door Sicco Mansholt, een doorleefde sociaaldemocraat. Een beleid dat zeer succesvol is geweest.
Met de slogan 'Nooit meer Honger' werd de rurale economie versterkt met instrumenten als prijsgaranties voor landbouwproducten, uittredingsmogelijkheden voor oudere boeren en intensivering van productiesystemen én door onderwijs, voorlichting en onderzoek aan elkaar te verbinden.
Te veel en te vaak is Mansholt verweten dat hij degene is geweest die een systeem heeft ontworpen dat fataal zou worden voor het milieu en de natuur.
Dankzij een voortschrijdend inzicht was het ook Sicco Mansholt die het GLB radicaal omgooide. Dit kwam mede tot stand door de analyses van de Club van Rome met het rapport Grenzen aan de groei.
Politici zijn in dit systeem belangenbehartigers geworden, niet meer degenen die belangen afwegen
Harm Evert Waalkens
De gevestigde belangen waren gewend geraakt aan de beschermende vangsystemen en de landbouwlobby had zich uitermate goed georganiseerd. Dat in tegenstelling tot de consumenten en de natuur-en milieuorganisaties.
Politici zijn in dit systeem belangenbehartigers geworden, niet meer degenen die belangen afwegen.
Het is een fenomeen dat we nu dagelijks zien en het heeft in de afgelopen dertig jaar perverse proporties gekregen. Ondanks de urgentie het beleid zowel in Europa als in Nederland aan te passen, zien we dat compromissen op compromissen worden gestapeld.
Op tal van fronten krijgen we daar nu de rekeningen van gepresenteerd. Die bovendien bij de individuele boeren worden neergelegd. Dit is niet eerlijk en niet solidair.
Boeren en boerinnen zijn als geen ander geïnspireerd om te innoveren
Harm Evert Waalkens

Laboratoriumfunctie

Boeren en boerinnen zijn als geen ander geïnspireerd om te innoveren. Ze zijn uitstekend opgeleid en ze staan open voor aanpassingen. Maar ze kunnen het niet alleen.
In plaats van het model van de afgelopen jaren, waarin de grootschalige productie (economy of scale) bovenaan stond, moeten we naar een ander model. De economy of scale heeft ons 110 miljoen kippen, dertien miljoen varkens, vier miljoen runderen en de vele andere diersoorten gebracht.
In plaats daarvan moeten we naar een economy of scope, waarin niet langer productieomvang maar andere zaken voorop staan. Ik zie Nederland als kennisland voor me, een laboratorium op praktijkschaal. Een land waarin innovaties worden bedacht en getest met de kennis van boeren en boerinnen, wetenschap en gezond verstand.
Ook daarin kan Nederland een grootmacht zijn. Maar dan niet langer als tweede exporteur van agrarische producten ter wereld, maar als exporteur van beproefde duurzame systemen.

Gidsland

Een tweede pijler onder het Nederlandse plattelandsbeleid zou via de ruimtelijke ordening moeten lopen. Het rapport van Johan Remkes had niet voor niets de aansprekende titel: Niet alles kan overal. En zo is het!
Maatwerk en gebiedsgericht vergunnen van economische activiteiten kan alleen op basis van wederkerigheid. De landbouw kan zeker een fantastische bijdrage leveren aan een vitaal platteland. Maar dan wel onder voorwaarden.
In mijn beleving is een verdeling van de ruimte aan herijking toe en daarbij zou een Agrarische Hoofdstructuur plaats kunnen bieden aan de laboratorium functie, in combinatie met landbouw, natuur en water.
Met als doel van Nederland een gidsland op het terrein van de landbouw te maken. Zodat we niet langer het 'smerigste jongetje' van de Europese klas zijn.
Harm Evert Waalkens was biologisch melkveehouder in Finsterwolde en zat van 1998 tot 2010 voor de PvdA in de Tweede Kamer. Voor de partij was hij onder meer landbouwwoordvoerder