Afghaanse evacués twee maanden langer in kazerne Zoutkamp

Afghaanse evacués in de Willem Lodewijk van Nassaukazerne in Zoutkamp
Afghaanse evacués in de Willem Lodewijk van Nassaukazerne in Zoutkamp © ANP
De vijfhonderd Afghanen die nu nog in de Willem Lodewijk van Nassaukazerne bij Zoutkamp zitten, kunnen pas eind september verhuizen naar nieuwe opvanglocaties in Winsum en Uithuizen. Volgens de oorspronkelijke planning moest de groep de kazerne uiterlijk 1 augustus verlaten.
Omdat de nieuwe locaties nog niet gereed zijn, hebben het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) en Defensie uitstel van de verhuizing afgesproken. Dat meldt de gemeente Het Hogeland vrijdag.

Werk aan opvanglocaties

In Winsum krijgen de Afghanen onderdak in containerwoningen op het oude complex van voetbalvereniging Viboa. Daar zijn de werkzaamheden nog in volle gang. Zodra half juli de riolering en drainage aangelegd is, kan de bouw van de tijdelijke woningen beginnen. Een maand later start de inrichting van de woningen.
Voor de 250 Afghanen die naar Uithuizen verhuizen, worden woonunits geplaatst aan de Dingeweg. Beide locaties kunnen op 1 oktober in gebruik worden genomen.
Het oude complex van voormalig voetbalvereniging Viboa waar plek is voor containerwoningen
Het oude complex van voormalig voetbalvereniging Viboa waar plek is voor containerwoningen © Jeroen Berkenbosch/RTV Noord

Aandacht voor integratie

Naast de fysieke opvanglocaties werkt de gemeente samen met maatschappelijke organisaties aan de integratie van Afghaanse evacués. 'Daarbij gaat het om zaken als werk, taalonderwijs en activiteiten', schrijft de gemeente. Volgens burgemeester Henk Jan Bolding hebben onder meer kerkelijke organisaties, sport- en ondernemersverenigingen zich hier positief over uitgelaten.
'Ik ben ongelooflijk blij dat de maatschappelijke organisaties in Winsum en Uithuizen met zoveel ideeën kwamen. Hartverwarmend. Vorige week spraken we in een raadsvergadering twee bewoners uit de kazerne. De een was arts en de ander tolk en vertaler. Ze vertelden ons dat ze er zeer naar uitkijken om zich te kunnen vestigen in onze gemeente.'