Terug naar 16 augustus 2012: 'Vanuit de hele provincie kwamen paniektelefoontjes binnen'

Donkere wolken boven de Mediacentrale, waar RTV Noord is gevestigd
Donkere wolken boven de Mediacentrale, waar RTV Noord is gevestigd © Mario Miskovic/RTV Noord
Het is donderdagavond 16 augustus 2012. Hartje zomervakantie, een relatief rustige avond op de redactie van RTV Noord. ‘Het was best warm die dag en ik dacht eigenlijk al: ik kan mooi vroeg naar huis vanavond’, blikt redacteur Erik Hulsegge terug. ‘Dat liep even anders.’
Het is vandaag precies tien jaar na de zware aardbeving bij Huizinge. Het is met een kracht van 3.6 op de schaal van Richter tot op de dag van vandaag de zwaarste aardbeving ooit in Groningen. Het was een aardbeving die vele ogen opende.
Erik Hulsegge is die donderdagavond als enige redacteur aan het werk op de RTV Noord-redactie. In de zomervakantie is er minder nieuwsaanbod. De politiek is met reces, scholen zijn dicht en belangrijke personen bij instanties zijn vaak op vakantie.
Maar op 16 augustus 2012 om 22.31 uur ‘s avonds is het met de rust snel gedaan.
We kijken elkaar aan, zo van: 'What the fuck was dit?'
Erik Hulsegge - Redacteur RTV Noord

Verrek, een aardbeving!

‘Ik hoorde een soort gegrom van onderen, onder m’n voeten. Daarna ging m’n stoel heen en weer. Ik dacht: wat is dit jong?! Toen kwam het besef: verrek, dit is een aardbeving!’
Met de adrenaline in zijn lijf staat Hulsegge op vanuit zijn bureaustoel. ‘Ik weet nog heel goed dat er aan de andere kant van het gebouw ook iemand zat te werken.’ Hij kijkt door de grote raampartijen naar het kantoor aan de andere kant van de Mediacentrale. ‘Daar staat die andere gozer met z’n armen wijd, en we kijken elkaar aan zo van: what the fuck was dit?!’

Kakofonie van telefoons

Het moment waarop de twee elkaar aankijken is een spaarzaam moment van stilte vlak na de aardbeving
‘En toen ging de eerste telefoon... En toen nog een. Op de hele redactie gingen alle telefoons af. Het was een grote symfonie van telefoongeluid.’
Hij spreekt mensen die bang zijn en hun huis zijn uitgelopen. ‘Vanuit de hele provincie kwamen allemaal paniektelefoontjes binnen.’ Als Hulsegge het ene telefoontje heeft opgehangen, gaat de volgende alweer over. ‘Er was niet tegen te grijpen. Die kakofonie van telefoons ging maar door. Het was niet te geloven.’
Het eerste wat ik heb gedaan is inbreken in de radio-uitzending
Erik Hulsegge - Redacteur RTV Noord

Inbreken op de radio

De grote impact van de aardbeving doet hem beseffen dat hij iets moet doen. De website van RTV Noord kan de vele bezoekers tegelijkertijd niet aan en komt plat te liggen. Hij belt collega’s om redactioneel versterking te krijgen. ‘Maar het eerste wat ik heb gedaan is inbreken in de radio-uitzending. Toen heb ik het bericht voorgelezen dat er een aardbeving is geweest. Het was ook meteen de eerste keer dat ik een nieuwsbericht voorlas op de radio, haha.’
Wijlen Henk Binnendijk komt die avond naar de redactie om een extra radio uitzending te presenteren. ‘Hij ging rond half twaalf de zender op. Henk heeft alleen maar telefoontjes aangenomen van mensen over wat ze beleefd hebben. Dat is tot een uur of een ‘s nachts doorgegaan volgens mij.’
Beluister de uitzending hier in zijn geheel terug:

Kantelpunt, ook bij Noord

De aardbeving bij Huizinge wordt vaak aangemerkt als kantelpunt. Nederland kon niet meer om de Groningse problematiek heen. Maar in werkelijkheid ging het geleidelijk, herinnert Goos de Boer zich. Hij was in die tijd verslaggever bij RTV Noord en eerder chef op de redactie. Ook de berichtgeving van RTV Noord veranderde na de aardbeving.
‘We waren als omroep voor Huizinge alleen incidenteel bezig met de gaswinning en aardbevingen, absoluut niet structureel’, erkent hij. ‘Als er een aardbeving was, dan werd dat gemeld. Maar het vizier was niet gericht op het grotere plaatje. Het had geen importantie. In Groningen niet en bij ons als omroep ook niet.’
Toenmalig eindredacteur Richard Klunder vult aan: ‘We wisten als omroep dat het erg was, maar na Huizinge wisten we dat het een drama werd. Bij ons is toen ook wel de verlichting aangegaan.’ Klunder beschrijft ook hoe intern gediscussieerd werd over welke aardbeving wel werd gemeld en welke niet, afhankelijk van de zwaarte. ‘Wij zijn ook door schade en schande wijs geworden: de ene beving is de andere niet. Dat moesten we al doende leren.’
Erik Hulsegge: ‘De echte angst is pas ontstaan na Huizinge. Toen drong ook bij ons door: hier moeten we echt iets mee.’
Ik heb me in 2013 nog vaak afgevraagd: heeft iedereen wel door wat hier aan de hand is?
Goos de Boer - Verslaggever

Het verhaal deed niks

Na de aardbeving bij Huizinge trekt Goos de Boer het onderwerp als verslaggever naar zich toe. Hij maakte reportages met de toen nog relatief onbekende Groninger Bodem Beweging, vroeg cijfers op over de aardbevingen en kwam in contact met mensen die last hadden van de problematiek.
‘Ik kon aan de hand van die cijfers na Huizinge niet anders dan concluderen dat het aantal bevingen in aantal en in zwaarte toenam en dat er wel degelijk wat aan de hand was’, vertelt hij. De Boer schrijft er in september 2012 een nieuwsverhaal over: ‘Maar dat verhaal sloeg compleet dood. Het deed niets en kreeg ook geen landelijke aandacht. Ik heb me in 2013 ook vaak nog wel afgevraagd: heeft iedereen wel door wat hier aan de hand is?’

Kritiek van beide kanten

Iedereen vindt er op dat moment iets van, herinnert hij zich. ‘Ik kreeg vanuit de NAM kritiek dat ik te activistisch was en vanuit het actiefront kritiek dat ik te veel voor de NAM was. Zo moet het zijn’, blikt De Boer met een glimlach terug op zijn rol als journalist in de jaren na Huizinge. ‘Maar ik ben ook wel Groninger en ik vind dat je als journalist best mag laten zien dat je begaan bent. Je moet niet activistisch zijn en wel openstaan voor alle verhalen. Maar dat je er zelf ook iets van vindt, dat lijkt me logisch.’
In de beginjaren na Huizinge lag de focus vooral op schade aan huizen en scheuren in muren. Langzaam maar zeker komen er steeds meer schrijnende verhalen voorbij. ‘De aandacht verschoof van de aardbevingen naar de gevolgen van aardbevingen. En van de gevolgen van bevingen bij huizen, naar de gevolgen voor mensen.’
Het is triest dat het al die jaren zo weinig zoden aan de dijk heeft gezet
Goos de Boer, verslaggever

Geen steek verder

Erik Hulsegge kan zich bijna niet voorstellen dat het alweer tien jaar geleden is sinds hij die avond op de redactie aan het werk was. Een avond die in zijn top drie van meest bijzondere werkdagen staat, vertelt hij. En ook Goos de Boer graaft in zijn herinneringen bij de gedachte dat er tien jaar om zijn.
‘Ik heb door de jaren heen zoveel deja vu’s gehad’, vertelt hij. ‘Verhalen die je kent van vijf of zes jaar geleden. Het was doorgaans: we deden een plas en alles bleef zoals het was. Het is wel triest dat het al die jaren zo weinig zoden aan de dijk heeft gezet. Groningen is eigenlijk nog in dezelfde staat als toen ik vijf jaar geleden stopte op dit dossier. Tien jaar geleden was het eigenlijk ook al zo. Dat geeft de triestheid wel goed weer: we zijn geen steek verder gekomen.’