Onder druk van zorgverzekeraars moet wijkverpleging zo snel en goedkoop mogelijk

Een wijkverpleegkundige helpt een cliënt
Een wijkverpleegkundige helpt een cliënt © Daniëlle Rademaker/RTV Noord
Weinig werkuren verspreid over veel dagen, te lage lonen en amper tijd voor de cliënten. Werken in de wijkverpleging is voor veel zorgmedewerkers niet aantrekkelijk. Volgens de zorgaanbieders komt dit door ‘krap inkopen’ van de zorgverzekeraars. Gevolg is dat mensen soms niet de zorg krijgen die ze nodig hebben.
Ook de ernstig zieke Mieke van Rheenen uit Ulrum krijgt niet genoeg zorg. Vorige week vertelde ze aan RTV Noord dat ze recht heeft op vijf dagen thuiszorg, maar dat er slechts twee keer per week een zorgmedewerker van TSN bij haar langs kan komen.

Verschraling van de wijkzorg

Hans Buijing is bestuurder van branchevereniging Zorgthuisnl. Hij ziet een neerwaartse spiraal als het gaat om de verpleging in de wijk. Buijing: ‘Zorgverzekeraars kopen tegen een zo laag mogelijk tarief in en vergoeden het liefst zo min mogelijk uren, hierdoor verschraalt de wijkzorg.’
Dat zit zo: Zorgverzekeraars betalen de wijkverpleging. De zorgverzekeraar spreekt met de zorgaanbieder af wat een zorguur kost, maar ook hoeveel tijd er gemiddeld per cliënt aan zorg besteed mag worden. Buijing: ‘Verzekeraars sturen op kostenbeheer, niet op goede zorg.’ Door de tarieven laag te houden, kunnen ze ook de verzekeringspremie laag houden. ‘Want elke euro premiestijging kost klanten’, aldus Buijing.
Even met een patiënt praten of de hand vasthouden is soms net zo belangrijk als het geven van medicatie
Hans Buijing, bestuurder van de branchevereniging voor thuiszorg

Geen tijd meer voor een kopje koffie

Ook betalen zorgverzekeraars alleen voor directe zorguren. Een kopje koffie drinken met de cliënt of werkoverleg met collega’s wordt niet vergoed. Terwijl juist dat soort dingen volgens Buijing zo belangrijk zijn. ‘Even met een cliënt praten of de hand vasthouden is soms net zo belangrijk als het geven van medicatie.’
Dat geldt ook voor het contact met collega’s. Buijing: ‘De wijkverpleging is een eenzaam beroep, je bent alleen achter die voordeur.’ Met elkaar kunnen praten over bijvoorbeeld een schrijnende situatie is daarom belangrijk.
Aannemiek Loman, bestuurssecretaris bij zorgorganisatie TSN: 'Dat alleen de directe zorguren vergoed worden, betekent dat alle andere activiteiten door zorgorganisaties zelf betaald moeten worden. Dat geld is er niet. Er is nauwelijks ruimte voor de belangrijke gesprekken met collega´s, werkoverleggen of professionele ontwikkeling van wijkverpleegkundigen en verzorgenden.´

Werkdruk

Wijkverpleegkundigen en verzorgenden moeten zo snel mogelijk zoveel mogelijk cliënten helpen. Dat staat volgens Buijing haaks op de reden waarom ze het werk zijn gaan doen: ‘Zij hebben het gevoel dat ze hun cliënten niet meer goed kunnen verzorgen.’
Mede hierdoor is het volgens Buijing moeilijk om personeel te vinden en vast te houden. ‘Verpleegkundigen die net van de opleiding komen, zijn vaak binnen twee jaar weer weg. Veel van hen stappen over naar de ziekenhuiszorg, waar de condities beter zijn.’ Daar bovenop komen de vergrijzing in de sector en het hoge ziekteverzuim. Gevolgen van onder meer de hoge werkdruk.

Onaantrekkelijke werkuren

Ook TSN worstelt met een personeelstekort. Op dit moment zijn er 150 vacatures, ‘maar 200 zouden we ook wel vervuld krijgen’, stelt Loman.
Naast de werkdruk en relatief lage lonen maken ook de werkuren het werk onaantrekkelijk. Loman: ‘Als wijkverpleegkundige heb je vaak een contract van 24 uur, maar daarvoor ben je wel vijf of zes dagen aan het werk vanwege de routes die je rijdt. Je bent dus al snel een paar dagen aan de slag voor een paar uur werk.’

Wurggreep

Wouter van der Kolk is financieel manager bij TSN. Hij zit ieder jaar met de zorgverzekeraars aan tafel om de tarieven af te spreken. Dat zijn ‘harde trajecten’, aldus Van der Kolk. ‘Zij willen dat we zo weinig mogelijke uren leveren per klant. Daardoor moeten wij de wijkverpleegkundigen instrueren zo weinig mogelijk zorg te leveren. Dat gaat voorbij aan de zorgvraag, het vertrouwen in professionaliteit en zorgt voor een enorme werkdruk.’
De wurggreep van de zorgverzekeraars is volgens Van der Kolk de reden dat het als werkgever nu moeilijk is om de lonen te verhogen. De zorgverzekeraar vergoedt deze loonstijgingen namelijk niet. Daarbij komt dat ook voor de zorginstanties de kosten zijn gestegen. Denk aan de prijzen van hulpmiddelen en brandstof, maar ook aan mondkapjes en coronatesten.
Dat gaat zelfs zo ver dat mensen die graag thuis willen sterven, in het ziekenhuis blijven omdat er geen palliatieve zorg is
Hans Buijing, bestuurder van de branchevereniging voor thuiszorg

‘Nee’ verkopen aan cliënten

Steeds vaker moeten thuiszorgorganisaties de zorg afschalen of zelfs ‘nee’ verkopen. Buijing: ‘Dat gaat zelfs zo ver dat mensen die graag thuis willen sterven, in het ziekenhuis blijven omdat er geen palliatieve zorg is.’ Loman: ‘Dat is niet omdat we niet willen, maar we hebben de mensen niet.’
Mevrouw Van Rheenen uit Ulrum wordt niet meer beter en heeft daarom palliatieve zorg nodig. Een complex en tijdrovend type zorg. Dat maakt het extra lastig in het huidige systeem van 'tijd is geld'. Van der Kolk: ‘Het is een perverse prikkel om cliënten met een grote zorgvraag niet in zorg te nemen. Terwijl je juist deze kwetsbare groep zou willen helpen. Dat systeem moet echt veranderen.´

Problemen groter op het platteland

Het probleem is volgens Buijing des te groter in de dunbevolkte buitengebieden. Daar zijn minder mensen beschikbaar voor het werk, maar ook de afstanden tussen de cliënten zijn groter.
Buijing: ‘Het maakt nogal uit of al je patiënten in dezelfde straat wonen of dat je eerst vijftien kilometer moet rijden tot het volgende huis.’ Immers: de reistijden worden niet vergoed. Zorgaanbieders zijn daarom huiverig een cliënt aan te nemen die achteraf woont. Een ander tarief voor de buitengebieden kan volgens Buijing een oplossing zijn.

600 miljoen op de plank

Ondanks dat de wijkverpleging er slecht voor staat, wil het kabinet dat het budget voor de wijkverpleging met 600 miljoen omlaag gaat. Zo staat in een conceptakkoord over de zorgbudgetten dat onlangs uitlekte.
Buijing legt uit dat het gaat om geld dat het afgelopen jaar niet is uitgegeven en de overheid nu uit het budget wil halen. ‘Dit is het geld van één jaar, maar kijkend naar de laatste jaren gaat het over anderhalf miljard die niet is geïnvesteerd in de sector.’ Loman: ‘Iedereen moet zo lang mogelijk thuis blijven wonen en zo snel mogelijk het ziekenhuis weer verlaten. Dat nou juist de wijkverpleging in het nieuwe zorgakkoord wordt gekort, vind ik onbegrijpelijk.’
Buijing vindt dan ook dat dit geld, dat op de plank is blijven liggen, juist geïnvesteerd moet worden in de wijkverpleging. Met de vergrijzing en het feit dat mensen steeds langer thuis blijven wonen, komt de grote zorgvraag er volgens hem nog aan. ‘Als we de afbraak nu niet herstellen, wordt het probleem alleen maar groter.’
Hij pleit er bij de minister voor om de zorg anders te financieren en te zorgen dat er voldoende tijd staat voor de te geven zorg. ‘Dat kopje thee of werkoverleg tellen daarin ook mee.’ Ook moeten volgens hem de lonen omhoog: ´Medewerkers in de wijkverpleging verdienen zes tot negen procent minder dan vergelijkbare beroepen.’

Registratielast

Daarnaast moeten zorgmedewerkers weer vertrouwen en autonomie ervaren, zo stelt Buijing. Bijvoorbeeld door alleen die dingen te registreren die te maken hebben met de cliënt, en geen registraties meer die te maken hebben met het tijdschema van de verzekeraar.
Van der Kolk beaamt dit: ‘De zorgverleners ervaren nog altijd een enorme registratielast. Geeft ze de ruimte om hun passie met zo weinig mogelijk regels uit te voeren en schrap de urenregistratie.’ Loman: ‘We zijn strijdbaar, maar de rek is er echt uit.’