‘Schadebaas’ kan problemen niet oplossen: ‘Ik heb onvoldoende bevoegdheden’

Bestuursvoorzitter Bas Kortmann van het Instituut Mijnbouwschade Groningen
Bestuursvoorzitter Bas Kortmann van het Instituut Mijnbouwschade Groningen © Kees van de Veen/ANP
Het instituut dat verantwoordelijk is voor het afwikkelen van aardbevingsschade heeft te weinig geld en bevoegdheden om dat voor iedereen op een goede manier te doen. Daardoor kan het de hooggespannen verwachtingen tot op de dag van vandaag niet waarmaken.
Dat verklaart voorzitter Bas Kortmann van het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG) donderdag tegenover de parlementaire enquêtecommissie gaswinning.
Kortmann pleit voor een ‘knelpuntenpot’ om individuele problemen op te kunnen lossen die niet helemaal voor rekening van de NAM zijn. De Nationaal Coördinator Groningen heeft wel zo’n budget van honderd miljoen euro. Die vrijheid ontbreekt bij het IMG.
Helemaal kommer en kwel is het niet. Kortmann vertelt dat 280.000 van de 312.000 schademeldingen inmiddels zijn afgewikkeld. ‘Het laatste wat ik wil is mezelf op de borst kloppen, maar dat is een prestatie die er niet om liegt.’

Stop met ingewikkelde aanpak

Maar het liefst wil Kortmann de hele aanpak van schade-afwikkeling en versterking overboord gooien. Hij vindt het onzin dat deskundigen één voor één bij huizen naar binnen moeten om uitgebreide rapporten en versterkingsadviezen te maken.
‘Probeer het op een andere manier te doen. Je moet de huizen niet volgens allerlei berekeningen aanpakken, maar straat voor straat opknappen. Een soort deltaplan voor de dorpen.’ Het gaat volgens hem dan niet alleen maar om de veiligheid, maar om het verbeteren van de leefbaarheid. Daarmee zou je Groningen weer een impuls geven.
Peter Spijkerman, algemeen directeur, Nationaal Coordinator Groningen (2018-2022)
Peter Spijkerman, algemeen directeur, Nationaal Coordinator Groningen (2018-2022) © Bart Maat/ANP
Zo’n radicale verandering ziet de voormalig Nationaal Coördinator Groningen totaal niet zitten. Volgens oud-directeur Peter Spijkerman (2018-2022) zorgde iedere koerswijziging tot nu toe voor vertraging. Zo valt de NCG eerst onder het ministerie van Economische Zaken, daarna twee jaar onder het ministerie van Binnenlandse Zaken en nu weer onder Economische Zaken.

Behoefte aan rust

‘Binnenlandse Zaken was voor veel medewerkers een onbekend departement. Wijzigingen zijn telkens met de goede bedoelingen gebeurd, maar wat levert het op? Als uitvoerder heb je behoefte aan een rustige omgeving’, zegt Spijkerman.
De NCG weet op dit moment nog niet van alle gebouwen welke onveilig zijn. Er moeten nog 8.000 panden beoordeeld worden. Van 18.000 panden is wel bekend wat ermee moet gebeuren. Hoe je het ook wendt of keert, voor 2028 moeten alle panden in Groningen versterkt zijn. Gaat dat lukken?

Als, dan…

Spijkerman moet even lachen van ongemak als hij die vraag krijgt. Dan is hij vijf seconden stil. ‘Als de gaswinning niet omhoog gaat, als er geen gigantische aardbeving komt en als de aannemers capaciteit er is, dan acht ik die kans substantieel.’
Maar met die voorwaarden houdt Spijkerman een stevige slag om de arm. Het Groningenveld is op dit moment immers nog altijd open en door de oorlog in Oekraïne wordt de druk steeds groter om de gaswinning weer op te schroeven. Het kabinet houdt voor het sluiten van het veld niet voor niets rekening met de geopolitieke situatie.
Het Staatstoezicht op de Mijnen geeft bovendien aan dat een aardbeving van 4.0 tot 6.5 op de schaal van Richter nog altijd mogelijk is. En ten slotte heeft ook de bouwsector te kampen met personeelskrapte en alsmaar stijgende bouwkosten. Met andere woorden: de praktijk biedt op dit moment weinig houvast voor de woorden van Spijkerman.