Door de mand: Kees Vlietstra over clowns, kunstenaars en functionele trucjes

Kees Vlietstra
Kees Vlietstra © RTV Noord
Donderdagavond. Helpman kantine. Derde helft van de training van Helpman 5. Op een groot tv-scherm worden de samenvattingen van de wedstrijden in de Europa League uitgezonden. Ook van Manchester United-FC Sheriff.
Bij de stand 0-0 krijgt Antony in de 38e minuut de bal aangespeeld aan de rechterzijlijn. In geen velden of wegen is er een Sheriff te zien. Tijd voor een trucje. Antony controleert de bal en draait twee keer om zijn as met de bal aan zijn voet. Een dubbele pirouette. Daarna geeft hij, alsof het niks is, een no look pass. Naar de ballenjongen achter het vijandige doel. Trainer Erik ten Hag beziet het hoofdschuddend. Na afloop geeft de Tukker aan dat hij zo’n trucje prima vindt zolang het maar rendement oplevert: ‘Als het maar functioneel is.’
Oud-speler en tegenwoordig kritisch tv-analist Paul Scholes is minder genuanceerd: ‘Wat levert zo’n actie hem op? Wat levert het op bij een 4-0 voorsprong en wat levert het op bij een 0-0 stand? Dit willen we toch niet zien? Zelfs in Brazilië niet. Ik vind het leuk om skills en entertainment te zien, maar nu gedraagt hij zich gewoon als een clown. Het is echt belachelijk.’
Antony zelf is niet onder de indruk van de kritiek. ‘We staan bekend om onze kunst en ik zal niet stoppen met doen wat me gebracht heeft waar ik nu ben.’
Paar kanttekeningen. Antony praat over zichzelf in de ‘wij-vorm’. Braziliaanse grootheidswaanzin. Verder ziet hij zijn kunstje als kunst. Liever mooi verliezen dan lelijk winnen. Wat mij betreft had klimaatactivist TikTok Tammo zijn handen aan de Braziliaanse ‘kunstenaar’ vastgelijmd in plaats van aan de reet van het peerd van Ome Loeks. Sjomp.
Zaterdagochtend. Nic.-kantine. Ik mag als uitvloeisel van het vrijwilligersbeleid een kantinedienstje draaien. Buiten jeugdwedstrijden, binnen tosti’s maken, koffie en thee zetten. Koffie voor de ouders, ranja voor de kids. Het is spitsuur voor en na de wedstrijden en uiteraard in de pauze. Tijdens de wedstrijden is het koopzondag in Staphorst. Tijd om nog even aan Antony te denken. Trucje of passeeractie? Showboaten of assist geven? Kunstenaar of clown?
In een flits denk ik aan mijn broertje Mike. Die mocht als grootste talent van GRC E3 begin jaren 80 naar het Voetbal International Vakantie Kamp. Op het nationaal sportcentrum Papendal kregen de jonge voetballertjes training van toenmalige profs als Mario Been, Gerald Vanenburg en Ben Wijnstekers. De eerste training was direct bingo voor Mike. Ben Wijnstekers gaf een master class 1 tegen 1 verdedigen. Wijnstekers vertelde vooraf dat je als verdediger altijd naar de bal moet kijken als er een aanvaller met de bal op je afkomt. Op zich nuttige informatie.
De Feyenoorder wees Mike als vrijwilliger aan om als aanvallertje te fungeren. Verlegen pakte mijn broertje een bal en dribbelde op de toenmalige international af. Bennie nam een verdedigende houding aan (licht gebogen door de knieën, ogen op de bal), maar zag al snel dat mijn broertje wat ruzie had met de bal. Die zat nou niet bepaald aan een touwtje. Eerder aan een slap elastiekje.
Sommige jongetjes aan de kant begonnen wat te gniffelen. Vanenburg en Been keken elkaar aan met een blik van verbazing. Dit gaat een lange week worden, zag je ze denken. Inmiddels was Mike met de bal bij de keiharde sloper uit De Kuip aangekomen. De rechtsback was inmiddels ook niet meer zo geconcentreerd. Wat kan mij nou overkomen?, dacht de 36-voudig international. Een seconde later degradeerde Mike Bennie Wijnstekers in Benny Hill. De aanvoerder van het Nederlands Elftal was gepoort én gepasseerd door mijn kleine broertje.
Zaterdagavond. Kantine Nic. Feestje als afsluiting veldseizoen. Zit nu aan de andere kant van de bar. Het is een Letterfeest. Kom gekleed als een personage startend met de eerste letter van je naam. Kunstenaar of Klown? Heb even getwijfeld om samen met Kylie en Kayleigh als K3 te gaan. Jurkje was niet in mijn maat. Zit met een biertje in de hand en een koksmuts op de kop te kijken naar de volle dansvloer. Het golft.
Ik denk terug aan mijn laatste danservaring: ALO, 1995. Eindexamendans Bewegen Op Muziek. Mijn groepje bestond uit lotgenoten, fanatieke teamsporters, zonder muziek. De eindexamendans zou worden beoordeeld op de onderdelen techniek, compositie, kleding en uitstraling. We moesten het niet hebben van onze danstechniek. We gingen helemaal voor de aankleding en onze uitstraling.
Een dag voor het examen was het repeteren geblazen, een gedegen voorbereiding is immers het halve werk. We kozen voor een modern gospelnummer waarin wij het achtergrondkoortje met sublieme danspasjes zouden vormen. Vakkundig trokken we de dikke rode gordijnen van de rails in mijn studentenkamer. Met een fijn timmermansoog knipten we gaten in de gordijnen en voilà: vier mooie rode gewaden die reikten tot over onze voeten, tot op de grond. De nacht voor het eindexamen hebben we nog een generale repetitie gedraaid in nachtcafé Warhol, in volledig tenue. Doorslaand succes. Daar wel.
The day after the night before... De danszaal van de ALO was afgeladen vol met studenten, docenten, conciërges en mensen die ons wel leuk vonden. Bij de eerste noten van ons nummer ‘O Happy Day’ veranderde de danszaal in een swingende kerk. Schuifelend in onze, met bier en broodje shoarmaresten besmeurde gewaden, betraden we de zaal. De toeschouwers braken de tent af. BOM-juf Ans Kremer schudde wat met haar hoofd, maakte à la Van Gaal een aantekening in haar boekje en kon het toen ook niet laten om de handen in de lucht te gooien en mee te swingen op de opzwepende klanken.
Ondertussen maakten mijn dansmaten en ik kleine zijwaartse pasjes onder onze gordijnen, niet altijd in de maat maar dat kon niemand zien, dachten we. Met een tandpastaglimlach sloten we onze dans af en maakten ons op voor de eindjurering van mevrouw Kremer. Zoals verwacht werd dit geen advies om ons in te schrijven voor ‘So you think you can dance’. Voor compositie een 5, voor kleding een 7, voor uitstraling een 9 en voor techniek een 2 maakt gemiddeld een 5,75. Afgerond zelfs een keurige 6. In polonaise verlieten we als clowns én kunstenaars de danszaal. Op naar de kantine.