Gezichten van de zorg: ‘We zijn geen cowboys’

Marco van der Veen is verpleegkundige op de spoedeisende hulp in het UMCG
Marco van der Veen is verpleegkundige op de spoedeisende hulp in het UMCG © Ariënne Dozeman/RTV Noord
De zorg worstelt met grote personeelstekorten. Het werk staat te boek als zwaar en slecht betaald, maar óók als dankbaar en onmisbaar. Wie zijn de verpleegkundigen, verzorgenden en begeleiders die elke dag het werk oppakken? In deze verhalenreeks loopt RTV Noord een dag mee met verschillende zorgmedewerkers. Vandaag verpleegkundige op de spoedeisende hulp Marco van der Veen (43).
Zijn groene defensiekistjes vallen op onder het witte verplegers-uniform. 'Ik heb een beetje last van mijn enkel', verklaart Marco. Tijdens een dienst loopt hij al snel tien kilometer over de afdeling, stevig schoeisel is geen overbodige luxe.
Vier dagen per week werkt Marco als spoedeisende hulp (SEH) verpleegkundige in het UMCG. Daarnaast is hij opleider bij de landmacht als onderdeel van het geneeskundig bataljon. 'Ik heb altijd uitdagingen nodig, daarom ben ik dat erbij gaan doen.'
Marco van der Veen op de spoedeisende hulp van het UMCG
Marco van der Veen op de spoedeisende hulp van het UMCG © Ariënne Dozeman / RTVNoord

Een typische maandag

Uitdagingen zijn er genoeg deze middag. Wanneer zijn dienst om drie uur begint zijn alle 24 kamers op de SEH bezet. Op de gang staan twee brancards en in de wachtkamer zitten nog eens zes mensen. 'Een typische maandag', volgens Marco.
Na een rustige zondag zijn de mensen weer op pad, dan gebeuren er meer ongelukken. Ook wachten veel mensen met huisartsbezoek tot na het weekend, die stuurt ze vervolgens door naar het ziekenhuis.
'Trombolyse, trauma rug, neurologische uitval', het zijn een aantal van de korte beschrijvingen die in het kameroverzicht te lezen zijn. Marco mag meteen door naar de kelder, waar de ambulances binnenkomen en de traumakamers zijn. De ambulance is onderweg met een man die van een steiger is gevallen.
Alle informatie die de ambulancebroeders geven over de patiënt schrijft Marco op zijn handschoen
Alle informatie die de ambulancebroeders geven over de patiënt schrijft Marco op zijn handschoen © Ariënne Dozeman / RTVNoord

Alle disciplines werken samen

In de traumakamer maken verpleegkundige, traumachirurg, radioloog en neuroloog zich klaar. Afhankelijk van de ernst van het trauma kunnen er tot wel tien medici betrokken zijn. 'Man, 72 jaar, val van steiger, hoofdtrauma, neurouitval…’, Marco brengt de rest van het team op de hoogte van de casus, het is de stilte voor de storm.
Zodra de ambulancebroeders de man binnenrijden gebeurt er van alles tegelijk. Zijn hoofd wordt gestabiliseerd, de schoenen en broek uitgetrokken. 'Heeft u pijn? Weet u waar u bent?' Vitale functies worden gecontroleerd en bloedmonsters afgenomen. 'Bent u misselijk?' Een infuus voor medicatie en vocht wordt aangelegd.
We werken volgens het principe treat first what kills first
Verpleegkundige op de spoedeisende hulp Marco van der Veen
Alle disciplines werken samen. De traumakamers in het UMCG zijn uitgerust met een ct-scan, zodat de chirurg en neuroloog meteen kunnen kijken of er letsel is aan de ruggewervels of de hersenen. De bloedmonsters worden via de buizenpost opgestuurd naar het lab, de resultaten zijn binnen een paar minuten bekend. Zo nodig kijkt een cardioloog naar het hartfilmpje.
Marco en zijn collega's behandelen een patiënt op de traumakamer
Marco en zijn collega's behandelen een patiënt op de traumakamer © Ariënne Dozeman / RTVNoord

Het ABC van leven of dood

'We werken volgens het principe treat first what kills first’, legt Marco uit. Een soort ABC van leven of dood. Dat wat het meest dodelijk is, moet als eerste worden behandeld.
Zodra de patiënt gestabiliseerd is verlaten we de traumakamer en zetten koers naar de spoedeisende hulp. Met een paar gebroken ribben, gebroken kaak en een aantal hechtingen in het gezicht is meneer er goed vanaf gekomen.
Hij was bij vrienden aan het schilderen, om bij de nok van het huis te kunnen had hij een ladder op een steiger gezet. Van de val herinnert hij zich niets, het blijft gissen wat er precies misging.
Marco stabiliseert de gebroken pink van de man die van de steiger is gevallen. Foto geplaatst met toestemming van de patiënt.
Marco stabiliseert de gebroken pink van de man die van de steiger is gevallen. Foto geplaatst met toestemming van de patiënt. © Ariënne Dozeman/RTV Noord

De spanning van het onvoorspelbare

Op de spoed weet je nooit hoe een dienst verloopt, en juist dat past bij Marco. ‘Het is een soort spanning waardoor ik scherp blijf, je weet nooit wat er van je verwacht wordt.’
Alles wat je ooit geleerd hebt in de zorg komt hier bij elkaar
Verpleegkundige op de spoedeisende hulp Marco van der Veen
Op de meeste afdelingen in het ziekenhuis gaat het om specifieke kennis. Maar op de SEH moet je overal iets van afweten, dat maakt het werk afwisselend en interessant. Marco: 'Reanimaties, een hartfilmpje, pacemakers, hoe botten in elkaar steken en pezen lopen. Alles wat je ooit geleerd hebt in de zorg komt hier bij elkaar.'
Het UMCG is bovendien het traumacentrum voor de regio. Dat betekent dat de zwaarste gevallen hier naartoe worden gebracht.

Spoedcursus hoestmachine

Aan het einde van de middag brengt de ambulance een meneer binnen, hij is verlamd en kan niet praten. Hij heeft het benauwd, de laatste twee dagen is hij snel zieker geworden.
Hoesten kan hij door zijn verlamming niet zelf, hiervoor heeft hij een hoestmachine. Het is even geleden dat Marco zo'n apparaat heeft gezien, maar na een snelle opfriscursus van het ambulancepersoneel weet hij er wel raad mee. Het geeft de patiënt meteen verlichting. Het vrijgekomen sputum gaat richting het lab voor onderzoek.
Bloedonderzoek
Bloedonderzoek © Ariënne Dozeman / RTVNoord
Routineus doet Marco de nodige handelingen. Het aansluiten op de hartmonitor, meten van de bloeddruk en temperatuur, het aanleggen van een infuus en bloed afnemen voor onderzoek. Boomlang en vastberaden voldoet hij aan het stereotype SEH-verpleegkundige. Binnen de muren van het ziekenhuis staan ze soms bekend als arrogant. Het werk vraagt om veel kennis, snel handelen en assertiviteit. Marco: ‘Mensen denken soms dat we cowboys zijn. Maar alles wat we doen is doordacht en onderbouwd.’

Geen ER

‘Ah gatverdamme’, roept een collega wanneer we in de ruimte met pospoelers staan. Iemand heeft een doekje in de po gelegd, maar daarvan raakt het apparaat verstopt. ‘Dat wordt graaien’, grapt Marco. Ook dit soort dingen horen bij het vak.
Marco: 'Mensen denken soms dat het hier een soort ER is, zoals je op tv ziet. Waar iedere dag de meest extreme dingen gebeuren en waar we constant met bebloede kleren staan en artsen wonderbaarlijke handelingen uitvoeren.' De werkelijkheid is vaak minder spectaculair.
Natuurlijk zijn er extremen. Zoals de zwangere vrouw voor wie de afdeling verloskunde op de derde verdieping te ver was, 'ze was nog geen vijf minuten bij ons binnen of het kind was al geboren'. Of de keer dat de hele afdeling ontruimd moest worden omdat er een man in een psychose en met een pistool op zak de SEH binnen was gelopen.

Aanpoten

Rond half acht kan Marco zijn patiënten eindelijk overdragen aan een collega en met pauze gaan. Per dagdienst staan er acht verpleegkundigen op de afdeling. In de nacht zijn ze met zijn vieren.
We hebben wel eens een nacht gehad waarin er twintig patiënten binnenkwamen
Verpleegkundige op de spoedeisende hulp Marco van der Veen
Dat houdt niet over. Bij een ernstig trauma werk je altijd met zijn tweeën, bij een reanimatie ook. Marco: 'Dus wanneer je die tegelijkertijd hebt, dan heb je nog maar vier mensen op de vloer over.' Het is lastig om hoog-specialistisch personeel te vinden, dus zeker wanneer een aantal collega's langdurig uit de running zijn is de lijst krap.
Soms is het een gekkenhuis: 'We hebben wel eens een nacht gehad waarin er twintig patiënten binnenkwamen, dan sta je na zo'n dienst wel even te vloeken.’ Tegelijkertijd ben je als SEH-verpleegkundige getraind voor het onverwachte. Marco: 'De hele toko ligt nu ook vol, maar dat wil niet zeggen dat wij ons werk niet kunnen doen.'
Marco verstuurt bloedmonsters via de buizenpost naar het lab
Marco verstuurt bloedmonsters via de buizenpost naar het lab © Ariënne Dozeman / RTVNoord

Nooit goed genoeg

Als jochie van een jaar of acht was Marco getuige van een ernstig ongeluk. ‘Dat heeft op mij zo’n indruk gemaakt, er kwam een ambulance aan en die mannen wisten precies wat ze moesten doen. Dat wil ik later doen, dacht ik toen.’
Inmiddels werkt hij bijna vijftien jaar op de spoedeisende hulp. Er is weinig waar hij nog adrenaline van krijgt. 'Dan moet er iets heel extreems gebeuren, zoals iemand die binnenkomt zonder onderbenen.'
Wel geeft het nog steeds een kick wanneer de samenwerking in het team goed loopt, bijvoorbeeld bij een ernstig trauma of reanimatie. Marco: ‘Ook wanneer een patiënt het niet redt, kun je achteraf wel trots zijn op het werk dat je als team hebt geleverd, wetende dat je met zijn allen het maximale hebt gedaan.’

En dan stop je met reanimeren

Sommige dingen wennen nooit. De professionele muur die hem doorgaans beschermt tegen het persoonlijke leed, houdt geen stand als het om kinderen gaat.
Bij kinderen gaan ze altijd door met behandelen tot de familie er is. De beslissing om te stoppen maak je samen met hen.
Kinderen raakt je altijd. Want dat mag niet, dat hoort niet
Verpleegkundige op de spoedeisende hulp Marco van der Veen
Marco: ‘En dan ga je stoppen met reanimeren. En dan word je aangeklampt door een moeder…’ De tranen schieten in zijn ogen. Jaren later komt de herinnering aan de moeder die hem smeekte toch door te gaan weer keihard binnen. Marco: ‘Kinderen raakt je altijd. Want dat mag niet, dat hoort niet.’
Praten helpt, met collega's of thuis met zijn vrouw en kinderen. ‘Ik vertel wel wat er gebeurt. Want ik heb er genoeg zien stranden omdat ze te macho zijn, doen alsof niks ze deert.’

Uitwaaien

De longarts komt langs bij de patiënt met de verlamming. Wat Marco vermoedde wordt bevestigd; een longontsteking. Hij zal de nacht doorbrengen op de intensive care. Ook de man van de steigerval ligt inmiddels op de verpleegafdeling.
Marco en zijn collega's behandelen een patiënt
Marco en zijn collega's behandelen een patiënt © Ariënne Dozeman / RTVNoord
Tegen het einde van de dienst halen we nog een man van de gang die op handen en knieën zit te kermen van de pijn. Hij heeft een aandoening aan de longen en het is helaas niet de eerste keer dat hij zo binnenkomt. Veel meer dan de pijn bestrijden kan Marco niet voor hem doen.
Om half twaalf zit voor Marco de dienst erop. Zijn witte broek en jasje verruilt hij voor een motorpak. Even stevig uitwaaien op weg naar huis, om de dingen los te kunnen laten.