Column: Plof

© RTV Noord
Het volk heeft afgelopen week gesproken, in een waar feest der democratie, en het is 'plof' geworden. Zo'n tweetakt brommertje. 'Plof' is het Schierste Grunneger Woord 2018, in de door RTV Noord georganiseerde verkiezing. Met 33% van de stemmen en een opkomst van pakweg 1,5% van de Groningers.
De waterstofeconomie, ons beloofde land, heeft in elk geval een deuk opgelopen. Dat een voertuig op fossiele brandstof, met zijn blauw walmende uitlaatgassen, zo'n strijd kan winnen, zaait twijfel of die wel eerlijk is verlopen. Het is in deze tijd van trollen en nepnieuws niet ondenkbaar dat Shell, Honda of Gazprom met 'microtargeting' op Facebook de Groningse kiezers hebben bewerkt. En wisten de kiezers eigenlijk wel waar het over ging? Waren ze goed geïnformeerd? Kenden ze de vier concurrerende schiere Grunneger woorden eigenlijk wel, inclusief de etymologie? Wisten ze dat dat lieve poedie van dat rauwe 'puta' zou kunnen komen? En dat plof een onomatopee is?
Er werd afgelopen weken nog meer gestemd, want er was ook nog dat referendum over de sleepwet of, correcter maar net zo nietszeggend 'Wet op de Inlichtingen en Veiligheidsdiensten'. De argumenten waren allemaal keurig uitgelegd. 'De sleepwet in tien vragen.' 'Voors en tegens van de WIV.' 'Ditjes en datjes van de sleepwet.' 'Hier moet u op letten als u gaat stemmen.' Maar als je dan eenmaal in het stemhokje staat, tellen die argumenten minder zwaar dan de vraag: bij welke entourage voel ik me eigenlijk thuis? De voor- of tegenstanders? De brave burgers of de vrije jongens? Vertrouwen of wantrouwen? Ja-kamp of Nee-kamp is een soort Ajax of Feyenoord, dat zich onttrekt aan argumenten. Beatles of Stones, honden of katten. Kwestie van nestgeur. Met als derde categorie de thuisblijvers, voetbal-, pop- en dierenhaters.
Noorderlingen waren, in het uitslagplaatje van de NOS, de 'rode hoed' van Nederland. Friesland en Groningen mogen in vele opzichten verdeeld zijn, ze behoren in vrijwel alle gemeenten in meerderheid tot het Nee-kamp. Het zijn niet toevallig de provincies waar de eigen taal nog zo'n grote rol speelt. In Friesland bestaat nog altijd de overtuiging dat het Engels en het Duits eigenlijk Friese dialecten zijn, en het Gronings is dan weliswaar geen taal maar wie zich uitdrukt in 'poedie', 'slik' of 'dammee' voelt zich wel helemaal verbonden met deze provincie. Dat er miesmachers zijn die streektaal beschouwen als een vorm van geïnstitutionaliseerde achterlijkheid, doet daar niets aan af. Streektaal verbindt, en scheidt dus ook meteen van de Randstad. De noordelijke Nee-stem is vooral wantrouwen richting Den Haag. Moeten ze hun beslissingen, als een onzekere filiaalchef, maar niet aan ons overlaten.
Maar waarom wint 'plof' het dan van 'poedie', om van de achterblijvers 'slik', en 'dammee' maar te zwijgen. Misschien omdat wij Groningers toch Nederlandser zijn dan we denken. Het is een beetje verdrietig, maar uitgerekend 'plof' is niet alleen schier Grunnegers, maar ook keurig Nederlands. In de Dikke van Dale staat: 2. plof (..) 4. motor- of bromfiets.
Ook in Den Haag rijden ze met een plof over het Binnenhof. Schrale troost is dat die uit milieuvriendelijke nuffigheid vast al is vervangen door een plof op waterstof. Dat kun je geen plof meer noemen, omdat hij niet meer ploft. We liepen er een beetje op vooruit in die verkiezing, maar straks is de plof echt helemaal van ons.
 

Willem van Reijendam